X
GO
nl-BEfr-FR
Chemische loofdoding  en loofklappen

Chemische loofdoding en loofklappen

zaterdag 30 augustus 2014

OPGELET: controleer de kwaliteit van uw aardappelen vóór de loofdoding. Hebben ze een voldoende hoog onderwatergewicht? Is de gewenste sortering bereikt? Na loofdoding is er immers geen toename meer van beide!!!

 

 

Chemische loofdoding

 De middelenkeuze bij chemische loofdoding wordt vooral bepaald door de mate waarin het gewas al een natuurlijke afrijping kent. Is het gewas nog groen met veel loof (bijvoorbeeld vroege loofdoding van pootgoed of tafelaardappelen in juli), dan is een gesplitste toepassing noodzakelijk. Zijn er al vergevorderde afrijpingsverschijnselen, dan volstaat een enkelvoudige behandeling of kan een chemische loofdoding zelfs achterwege gelaten worden (natuurlijke afrijping). Voor alle situaties tussenin, moet een aangepast loofdodingsschema worden aangehouden. 

In de tabel vindt u een overzicht van de middelen die kunnen ingezet worden voor de loofdoding van de aardappelen. Er zijn eigenlijk maar 3 actieve stoffen aan de orde. Het volledige aanbod van handelsmiddelen en productnamen maakt het gamma loofdodingsmiddelen zeer groot, maar is simpel te herleiden tot de middelen Reglone, Spotlight Plus en Quickdown. 

Reglone heeft de snelste werking, bestrijdt ook onkruiden, maar moet voorzichtig ingezet worden bij droogte. De knollen vragen dan zo sterk om water dat met hun zuigkracht eventueel ook diquat zou kunnen worden opgenomen. In het geval van een grote dosis Reglone zou dit kunnen leiden tot naveleindrot. In het verleden zijn nog maar weinig gevallen van naveleindrot gezien in sterk afrijpende gewassen. Toch wordt in droge omstandigheden aangeraden de dosis te beperken tot maximaal 1,5 liter/ha per keer (eventueel herhalen na enkele dagen).

Voor een veiligere toepassing en een betere stengelafdoding kan 1 liter Spotlight Plus of 0,8 liter Quickdown + olie ingezet worden. Door toevoeging van 1 liter Reglone aan één van beide, zal het loofdodingseffect duidelijk versneld worden.

 


De keuze van het product wordt dus bepaald door verschillende invalshoeken:

- Bodemomstandigheden: vermijd Reglone aan volle dosis bij zeer droge grond;

- Bij sterke aanwezigheid van onkruid gaat de voorkeur uit naar Reglone, dat een groot aantal onkruiden afdoodt. 

- Weersomstandigheden: na toepassing van Spotlight Plus of Quickdown is minstens 4u licht nodig voor een voldoende werking. Spuit dus niet ’s avonds. 

- Gewas: in het geval van een nog vol, groen gewas is het aan te bevelen niet direct te spuiten met Spotlight Plus of Quickdown, maar het gewas eerst te behandelen met een verlaagde dosis Reglone om daarna af te werken met de 2 eerstgenoemde producten.

 

Op het vlak van velvastheid is er weinig verschil tussen de producten. Om tot volledige velvastheid te komen, wacht men best tot 3 weken na loofdoding. Deze termijn kan korter zijn in functie van de natuurlijke afrijping of cultivar. 

Loofdoding_tabel middelen

 

 

Mogelijke schema's

- Op een groen gewas (te dicht loof om alles in één keer te raken):  het loof openspuiten met '2,5 à 4 liter Reglone/ha' gevolgd na 5 dagen door '1 liter Spotlight Plus' of '0,8l Quickdown + 2 l olie'

- Op een sterk afgerijpt gewas (alle loof en stengels kunnen met 1 bespuiting geraakt worden):  kan een enkelvoudige behandeling met '1 liter Spotlight Plus' of  '0,8 liter Quickdown + 2 l olie' of  '3 à 4 liter Reglone' per hectare volstaan.

- Op een matig afgerijpt gewas:  Omdat er geweten is dat een volle dosis Spotlight Plus (1 liter) of Quickdown (0,8 + 2 l olie) niet volstaat  om een nog groen gewas in één keer af te doden, wordt er vaak 1 liter Reglone toegevoegd aan de volle dosis Spotlight Plus of Quickdown. Deze menging moet de werking van Spotlight Plus of Quickdown versterken daar waar een enkelvoudige bespuiting te kort zou schieten. Tegelijk behoudt men op die manier de voordelen van Spotlight Plus of Quickdown.
Reglone versnelt dan inderdaad de afsterving. Echter, wanneer het gewas nog net iets te groen is voor een enkelvoudige bespuiting, dan is het meer aangewezen eerst open te spuiten met 2 à 3 liter Reglone en daarna terug te komen met ‘Spotlight Plus’ of ‘Quickdown + olie’. 

 

 

Loofklappen

Het loofklappen is een veel gebruikte techniek in de pootgoedteelt die nu ook zijn intrede doet in de tafelaardappelen. Beide teelten hebben gemeen dat loofdoding plaatsvindt op het ogenblik dat er nog veel onafgerijpt groen loof aanwezig is. Om deze loofmassa kwijt te geraken zonder al te veel gewasbeschermingsmiddelen, wordt het loof geklapt. Eventueel wordt in een zelfde werkgang een verminderde dosis van een chemisch loofdodingsmiddel toegediend. In de praktijk wordt er meestal enkele dagen na klappen vollevelds gespoten.

Een loofklapper is voorzien van een horizontale as, waarop messen of klepels gemonteerd zijn van verschillende lengtes die de vorm van de ruggen volgen: lange messen tussen de ruggen en korte messen boven de ruggen. Een nauwkeurige afstelling is nodig om ook de stengels aan de zijkant van de rug goed te raken zonder de ruggen te beschadigen. Er wordt gestreefd na het klappen een pruiklengte van 10 à 15 cm over te houden. 
De rijsnelheid mag niet te hoog zijn om te voorkomen dat het loof omver geduwd wordt. De loofklapper moet het loof in de machine trekken. Klappen tegen de richting van het gewas in, geeft het beste resultaat.
De klapper wordt bij voorkeur vóór de tractor gemonteerd om de stengels niet plat te rijden. 

De rijenspuit wordt achter de tractor geplaatst. Op de geklapte stengelstompen worden twee spuitdoppen gericht per rij. Zij spuiten een bandbreedte van maximaal 40 cm. 1 liter Spotlight Plus of een verminderde dosis (50%) Reglone zorgt voor versnelde afsterving van de stengels. Aardappelen met betrekkelijk groen loof worden op die manier in minder dan 14 dagen velvast (blijft rasafhankelijk), terwijl chemische loofdoding op een dergelijk gewas meestal twee bespuitingen vraagt. 

Veel consumptietelers vrezen groene knollen, maar Nederlands onderzoek heeft aangetoond dat dit percentage niet hoger is dan bij vollevelds doodspuiten. Het is wel zo dat klappen niet elk jaar zal kunnen. 
Nadelen: meer tractor- en arbeidsuren nodig. Investering in specifiek materiaal. Meer schade aan de ruggen (kopakkers, fouten bij sturing tussen de ruggen). Risico voor verspreiding van sporen indien veel plaag in het gewas en vochtig weer.



Print

Comments are only visible to subscribers.