X
GO
nl-BEfr-FR
Actuele berichten
Gevolgen verlaagde stikstofbemesting

Gevolgen verlaagde stikstofbemesting

proeven groeiseizoen 2020

donderdag 25 februari 2021

De aardappelteelt is de tweede belangrijkste akkerbouwteelt binnen Vlaanderen, maar helaas ook de slechtst scorende wat betreft het nitraatresidu dat op het einde van het groeiseizoen in de bodem achterblijft. Het relatief zwakke, ondiepe wortelstelsel en het gebrek aan luxeconsumptie maken dat de bemesting maximaal moet worden afgestemd op de bodemvoorraad, mineralisatie en groeiomstandigheden om een hoog nitraatresidu te vermijden.
Met de dalende stikstofbemestingsnormen die MAP 6 voorziet in gebiedstype 2 en 3, is een efficiënte inzet van stikstof nog belangrijker geworden. Veel aardappeltelers vrezen immers dat de lagere normen tot belangrijke opbrengst- en kwaliteitsverliezen zullen leiden. De vraag wordt ook gesteld of deze lagere bemestingsnormen zullen leiden tot een nitraatresidu onder de vooropgestelde drempelwaarden. Via veldproeven wilden we nagaan in welke mate een lagere bemesting een effect heeft op de opbrengst en kwaliteit van de aardappelen enerzijds en op het nitraatresidu anderzijds.
Daarnaast wilden we meer inzicht krijgen in de stikstof die vrijkomt via mineralisatie tijdens het groeiseizoen. Omdat deze sterk afhangt van de weersomstandigheden is dit een onzekere factor om in rekening te brengen bij de bemesting. Wanneer er stikstof vrijkomt via mineralisatie nadat de aardappelen hun maximale stikstofopname hebben bereikt, zal deze bovendien bijdragen tot een hoger nitraatresidu. 

 

In kader van het Landbouwcentrum Aardappelen werden vier proeven aangelegd: Lennik en Bertem werden opgevolgd door Bodemkundige Dienst van België, proefveld in Poperinge opgevolgd door het VTI Poperinge en één in Tongeren opgevolgd door PIBO Campus. 

 

Conclusie

Bij de verschillende proefpercelen die werden opgevolgd tijdens het groeiseizoen van 2020 zien we een belangrijke invloed van de hoeveelheid neerslag op de gewasontwikkeling en opbrengst. Een grotere hoeveelheid neerslag leidt tot een hogere opbrengst, al heeft ook het moment waarop de neerslag valt een invloed. Naast de opbrengst heeft de neerslag of het vochtgehalte van de bodem ook een invloed op het nitraatresidu in de bodem. Eind september, in zeer droge bodem, werden lage nitraatresidu’s gemeten in Lennik, Tongeren en Bertem. In Poperinge, waar het nitraatresidu op 12 oktober werd bepaald na een grote hoeveelheid neerslag, werden hogere waarden gemeten. Ook bij de nulbemesting zagen we hier een toename van het nitraatgehalte in de bodem tussen eind augustus en 12 oktober als gevolg van mineralisatie. In Bertem werd op 9 november ook duidelijk hogere residu’s gemeten dan op 22 september, voornamelijk als gevolg van mineralisatie. 
Bij alle percelen was bij de bemesting volgens advies of praktijk de maximale stikstofopname eind juli bereikt. Nadien werd er dus geen extra stikstof meer opgenomen. Dit betekent dat alle stikstof die vanaf augustus nog vrijkomt via mineralisatie niet meer wordt opgenomen en bijdraagt tot het nitraatresidu. Omwille van de droogte was de stikstof die vrijkwam via mineralisatie in augustus en september van 2020 nog relatief beperkt bij de proefpercelen. Echter, wanneer eind september en begin oktober een periode met relatief veel neerslag volgt, lijkt dit te leiden tot een sterke toename van het nitraatgehalte in de bodem.

Een 30% lagere bemesting dan advies leidde in Lennik en Poperinge tot een (marktbaar) opbrengstverlies van 5% en 8%. Het nitraatresidu was bij beide percelen vergelijkbaar bij de bemesting volgens advies en de 30% lagere bemesting. In Tongeren was de opbrengst bij de bemesting volgens praktijk-20% gemiddeld 9% hoger dan bij de bemesting volgens praktijk. Het nitraatresidu was hier eveneens vergelijkbaar voor beide behandelingen. Een lagere bemesting lijkt dus niet steeds te leiden tot een lager nitraatresidu. 

 

Het uitgebreide rapport over deze proefvelden kan je hieronder nalezen.

  Dit artikel is alleen zichtbaar voor leden PCA. Gelieve in te loggen.

 

Print