X
GO
nl-BEfr-FR
Actuele berichten

Theme picker

Aandachtspunten vergassen

zondag 12 oktober 2014

De eerst gerooide aardappelen voor bewaring liggen intussen 2 tot 3 weken in de loods. Wanneer de kiemremming gepland is via foggen of vergassen, wordt het tijd om de eerste gasbeurt uit te voeren.

 

Fractioneren

Gassen van CIPC (of chloorprofam) biedt het voordeel het product gefractioneerd toe te kunnen dienen. Dit houdt in dat er per gasbeurt met kleinere dosissen wordt gewerkt dan bij poeder of vloeibare kiemremming. Om maximaal resultaat te halen bij het ver-gassen, en dus zo goed en zo lang mogelijk de kieming onder controle te kunnen houden, is het belangrijk om (a) tijdig te starten met het vergassen en (b) om bij de eerste toepassing een voldoende hoge dosis te gebruiken. Dit om te vermijden dat de kieming al start voor of kort na de eerste gasbeurt en zo het hele seizoen achter de feiten aan te lopen. Ook neemt het risico op interne kieming toe als er te laat en/of met onvoldoende dosis gestart wordt, in het bijzonder bij gevoelige rassen zoals Innovator.

 

Wanneer starten?

De eerste toepassing gebeurt direct na de wondheling, dit is in principe 2 à 3 weken na inschuren. Zorg ervoor dat de aardappelen droog zijn, zoniet bestaat alsnog het risico dat schilbrand optreedt bij gevoelige rassen (bv. Asterix, Innovator, Nicola). De knoltemperatuur bedraagt liefst ook maximaal 12°C om toe te laten dat het product zich voldoende kan afzetten op de knollen. Voor een geslaagde kiemremming via foggen is ook een goede luchtverdeling door de partij cruciaal.

 

Dosis

Voor de kiemremming kan men volledig met gassen werken of de combinatie van een (halve) dosis poeder of vloeibaar nadien aangevuld met gassen. De erkende dosis bij gassen is 36 gram actieve stof (a.s.) per ton aardappelen (inclusief startdosis bij inschuren), dit voor alle formuleringen.

Er zijn diverse formuleringen op de markt. De meest klassieke formulering bestaat uit 300 g a.s./l waarbij volgens de erkenning 50 ml/ton per trimester van gewenste bewaring met een maximum over het volledige bewaarseizoen van 120 ml/ton. Het fractioneren in de praktijk bestaat meestal uit een eerste dosis van 25 à 30 ml/ton gevolgd door bijkomende gasbeurten van 10 à 20 ml/ton om de 4 à 5 weken. De formuleringen op basis van 500 g a.s./l zijn erkend aan een maximale totale dosis van 72 ml/ton aardappelen. De voorbije jaren kwamen ook enkele producten op de markt met een concentratie van 636 g CIPC/l, waarbij de maximale erkende dosis 56,6 ml per ton per seizoen is.

Toestel

Het toepassen kan met 2 types toestellen gebeuren: de swingfog (op basis van benzine) of de electrofog (met elektriciteit). Producten met een concentratie van 300 of 500 g/l zijn meestal enkel met een swingfog toe te passen; de formulering van producten met 636 g a.s./l is afgestemd op een toepassing met een electrofog. Voor de overgrote meerderheid van de producten kan maar 1 type toestel gebruikt worden om een correcte en veilige toediening te bekomen!

 

Veiligheid

Let bij toepassing ook op dat dit veilig gebeurt: bij vergassen heeft het toestel steeds een hoge bedrijfstemperatuur, waardoor brandgevaar een reëel risico is.

 

Biologisch

Naast CIPC zijn er ook biologische alternatieven op de markt. Enerzijds is er sinds een paar jaar een product op basis van muntolie op de markt, dat via electrofog vergast wordt in de bewaarcel. Ook hier gelden dezelfde richtlijnen als voor CIPC: op tijd starten met een voldoende hoge dosis en op regelmatige tijdstippen terug behandelen, dit om de kieming voor te blijven. Sinds 2012 is ook ethyleen toegelaten als kiemremmer. Ethyleen mag niet gebruikt worden op aardappelen bestemd voor friet of chips, gezien zijn negatieve invloed op de bakkleur. Bij ethyleen dient een constante concentratie van 10 ppm in de cel aanwezig te zijn.

 

vergastoestel

vergastoestel

 

 

 

 

 

 

Print

Theme picker